Lekker kort (6): Deep Dive-podcast ‘Augmented Working’ in 60 seconden

In de podcastserie ‘Deep Dive: AI’ onderzoeken we de mogelijkheden van AI voor ondernemers. In de zesde aflevering spraken experts Peter van Gemert (Koninklijke Kuijpers) en Wessel Luijks (3SA) uitgebreid over ‘Augmented Working’, en wat jij daar mee kunt. Speciaal voor jou: de korte samenvatting.

Peter en Wessel weten waar ze het over hebben. Peter is Directeur informatievoorziening en veiligheid bij Koninklijke Kuijpers, terwijl Wessel als eigenaar van 3SA (3 Steps Ahead) specialist is in innovatiemanagement. Samen geven ze antwoord op de vraag: wat is Augmented Working en hoe kun je als installateur aan de slag met ‘versterkt werken’?

Hieronder zetten we de belangrijkste inzichten uit de zesde aflevering voor je op een rij.

Wat wordt bedoeld met augmented working in de technieksector?

Augmented working betekent letterlijk ‘versterkt werken’. Het gaat over het slim inzetten van technologie om mensen beter, veiliger en prettiger hun werk te laten doen. Dat is geen nieuw idee: mensen gebruiken al hun hele leven hulpmiddelen, van hamers en tangen tot boormachines. Het verschil is dat ondersteuning zich nu steeds meer verplaatst naar de digitale kant. Denk aan software, sensoren, AI, robots en zelfs exoskeletten. Niet om vakmanschap te vervangen, maar om alles eromheen te verminderen: administratie, inefficiënte processen en onnodige handelingen.

Kijk en beluister hier aflevering 6 van de ‘Deep Dive Serie: AI’ en ontdek hoe hybride AI de technieksector nieuwe kansen biedt.

Waarom is augmented working juist nu zo relevant voor de sector?

De urgentie komt vooral voort uit het groeiende personeelstekort en de aankomende vergrijzing. Richting 2030–2040 wordt dat tekort pas echt voelbaar. Tegelijkertijd worden wet- en regelgeving steeds complexer en neemt de administratieve druk toe. Zonder technologische ondersteuning is dat simpelweg niet vol te houden. Augmented working is daarom geen luxe, maar een randvoorwaarde om als sector toekomstbestendig te blijven.

Gaat augmented working vooral over AI en augmented reality?

Dat is vaak de eerste associatie, maar het begrip is veel breder. Natuurlijk horen AI en augmented reality erbij, maar ook computer vision, robots, digitale assistenten en slimme sensoren vallen hieronder. De kracht zit juist in de combinatie van die technologieën. Ze kunnen afzonderlijk weinig, maar samen maken ze echte versnelling mogelijk. Belangrijk daarbij is dat ze altijd dienend blijven aan de mens.

Worden banen hierdoor overbodig?

Die angst leeft, maar is onterecht. In de technieksector zijn juist méér mensen nodig, niet minder. Technologie is nodig om het tekort aan vakmensen op te vangen en om mensen te ontlasten. Het doel is niet om monteurs te vervangen, maar om hen te bevrijden van taken waar ze niet voor zijn opgeleid, zoals administratie en dubbel werk. Zo kunnen ze zich richten op waar ze goed in zijn: techniek.

Waar zit dan de grootste winst van augmented working?

Die zit niet in het automatiseren van vakmanschap, maar in het wegnemen van verspilling. In de installatiebranche bestaat slechts 10 tot 20 procent van de werkzaamheden uit echte waardetoevoeging. De rest bestaat uit noodzakelijke of zelfs pure verspilling, zoals overtypen, zoeken naar informatie, wachten op materialen of administratieve handelingen. Juist daar kan technologie enorme impact hebben.

Waarom is data zo’n belangrijke randvoorwaarde?

Zonder goede data werkt geen enkele vorm van augmented working. Een augmented reality-bril kan bijvoorbeeld pas nuttig zijn als er een betrouwbare digital twin van een gebouw of installatie bestaat. Data moet bovendien niet alleen aanwezig zijn, maar ook juist, actueel en relevant. Veel bedrijven verzamelen enorme hoeveelheden data, maar gebruiken die nauwelijks. Dan wordt data een last in plaats van een hulpmiddel.

Hoe bepaal je welke data waardevol is?

Data is alleen zinvol als die noodzakelijk is om werk uit te voeren, helpt om kwaliteit en veiligheid te borgen, of daadwerkelijk extra waarde toevoegt. Alles wat daarbuiten valt, kun je beter schrappen. Dat geldt ook voor activiteiten. Als een handeling geen waarde toevoegt voor de klant, de medewerker of het bedrijf, moet je je afvragen waarom je die nog doet.

Waar lopen bedrijven nu tegenaan bij de invoering van augmented working?

Veel bedrijven zijn nog bezig met het digitaliseren van hun basisprocessen, vaak via ERP-migraties. Dat is nodig, maar het kost tijd en energie. Een veelgemaakte fout is dat men technologie toepast op processen die eigenlijk eerst vereenvoudigd of geschrapt hadden moeten worden. Dan automatiseer je vooral inefficiëntie. Eerst standaardiseren en minimaliseren, daarna pas automatiseren.

Hoe belangrijk is acceptatie door medewerkers?

Cruciaal. De technieksector is relatief behoudend en veranderingen worden niet vanzelf omarmd. Technologie die ‘van het hoofdkantoor’ wordt opgelegd, sluit lang niet altijd aan bij de praktijk van de monteur. Augmented working werkt alleen als het daadwerkelijk problemen oplost op de werkvloer. Dat vraagt om aandacht, communicatie en leiderschap, niet om dwang.

Welke rol speelt werkplezier hierbij?

Een grote rol. Mensen worden niet blij van extra administratie of ingewikkelde systemen. Als technologie ervoor zorgt dat werk leuker, overzichtelijker en minder stressvol wordt, neemt de betrokkenheid toe. In een krappe arbeidsmarkt is dat minstens zo belangrijk als productiviteitswinst. Minder werkdruk en meer ruimte voor vakmanschap maken het verschil.

Wat betekent augmented working voor verdienmodellen?

Dat is een spannend punt. De sector werkt traditioneel met ‘uurtje-factuurtje’. Als technologie ervoor zorgt dat storingen sneller of zelfs op afstand worden opgelost, daalt het aantal factureerbare uren. Dat vraagt om een andere manier van denken. De waarde zit niet meer in tijd, maar in resultaat, zoals beschikbaarheid, betrouwbaarheid en comfort. Dat vraagt om nieuwe modellen, zoals abonnementen of resultaatverplichtingen.

Zijn er ook risico’s verbonden aan augmented working?

Zeker. Denk aan eigenaarschap van data, cyberveiligheid en afhankelijkheid van technologie. Federatief datadelen, waarbij data bij de juiste eigenaar blijft maar wel gedeeld kan worden, wordt steeds belangrijker. Daarnaast neemt het cyberrisico toe en is data inmiddels net zo bedrijfskritisch als fysieke assets. Bedrijven moeten zich afvragen wat er gebeurt als systemen een week uitvallen.

Wat vraagt dit alles van leiderschap?

Het vraagt visie, geduld en keuzes durven maken. Niet achter elke nieuwe gadget aanrennen, maar eerst zorgen dat de basis op orde is. Experimenteren mag, maar wel binnen duidelijke kaders. Leiders moeten ruimte creëren voor verbetering, medewerkers betrekken en stap voor stap verandering begeleiden. Augmented working is geen sprint, maar een lange reis.

Wat is een realistisch startpunt voor bedrijven?

Begin bij het oplossen van concrete problemen voor medewerkers. Bijvoorbeeld door informatie sneller vindbaar te maken, onboarding te versnellen of fouten te verminderen. Kleine, praktische toepassingen hebben vaak meer impact dan grote, abstracte innovaties. Zorg tegelijkertijd dat processen eenduidig zijn en data betrouwbaar. Dat is de fundering voor alles wat daarna komt.

Hoe ziet de toekomst eruit als de technieksector deze stap wel zet?

Dan ontstaat een sector waarin mensen centraal staan en technologie ondersteunend is. Waar vakmanschap weer de kern vormt, ondersteund door slimme tools. Waar werk leuker, veiliger en efficiënter wordt. Die toekomst komt er niet vanzelf, maar begint met vandaag starten. Niet omdat het hip is, maar omdat het noodzakelijk is.

Heb jij ‘n tip voor deze rubriek? Stuur je suggestie naar demakersvanmorgen@technieknederland.nl!