Een oud defensiekantoor van dik 2000 m2 omtoveren tot moderne kantoorruimte, met uitsluitend circulair (= hergebruikt) installatiemateriaal – kan dat? Die ‘mission impossible’ kregen de specialisten van Putman b.v. uit Rijnsburg. Hoe brachten ze het eraf, en haalden ze de 100%?
(Headerfoto: Sevan Markerink bij het Kantoor Vol Afval, fotografie: RVB/Taco van der Eb.)
Het Kantoor Vol Afval (‘KaVa’ voor insiders) is een circulair renovatieproject in Valkenburg (ZH) in opdracht van het Rijksvastgoedbedrijf, geleid door RVB-projectmanager Sevan Markerink. Deze bijzondere pilot startte in 2024, werd afgerond in 2025 én won de publieksvariant van de Architectuurprijs voor ‘Beste Gebouw van het Jaar’.
Doel van dit unieke project was: ontdekken hoe je bij een ingrijpende renovatie van een leegstaand (kantoor)pand zoveel mogelijk gebruik kunt maken van gebruikt materiaal, zonder het ‘normale’ budget voor zo’n project te overschrijden – en uiteraard binnen de kwaliteitseisen van het rijkskantoor?
Na evaluatie heeft het Rijksvastgoedbedrijf onlangs de belangrijkste lessen op een rij gezet. Die zijn goud waard voor elke installateur die zelf óók werk wil maken van circulair verbouwen, renoveren of verduurzamen.
Anders denken
“Voor wat betreft de bouw, maar ook het installatiewerk, werd al snel duidelijk dat de uitdaging zat in een andere manier van denken”, legt directeur Patrick van Schie van Putman b.v. uit. “Het proces is anders. Normaal gesproken maak je allerlei berekeningen en selecteer je daarna de producten die daar het beste bij passen. Daarna is het een kwestie van bestellen en monteren.”
Met name dat eerste deel bleek totaal anders, ontdekten Van Schie en zijn collega’s. “Het was vooral een kwestie van kijken wat er beschikbaar is, speuren naar materiaal en inventariseren: Wat kan ik krijgen? Is het geschikt? Is het genoeg? En kan ik het voor een net bedrag overnemen?”
Inpassen in ontwerp
Dat bleek flink wennen: “Met het beschikbare materiaal ga je weer terug naar het ontwerp om te kijken of je het in kunt passen. En soms moet je het ontwerp wijzigen om het materiaal in te kunnen passen. Neem bijvoorbeeld een luchtbalanskast die strikt genomen te veel capaciteit heeft voor de nieuwe situatie. Hoe maak je die bruikbaar? Moet je ‘m aftoeren? Of kun je een andere ventilator gebruiken? Dat vraagt om creatief nadenken over de mogelijkheden van je materiaal.”
Verzamelen kost tijd
Een van de lessen in het project: het verzamelen van de juiste materialen kost meer tijd, doordat je er actief naar moet speuren en ze soms moet aanpassen aan de gewenste specificaties. En soms is dat materiaal al beschikbaar voordat het nodig hebt: dan heb je opslagruimte nodig.

Patrick: “Gelukkig was er rond het Kantoor Vol Afval ruimte genoeg en daar konden alle betrokkenen gebruik van maken. Voor onze installaties hebben we veel kunnen hergebruiken uit een donorgebouw van de ABN Amro in Hoofddorp. Dat werd gerenoveerd en wij hebben daar de luchtbehandelingskasten en klimaatplafonds uitgehaald. De regeltechniek kwam bij een klant van ons vandaan die toe was aan een ander systeem en dat geldt ook voor de koelmachine. Die stond in een ruimte die daar eigenlijk te klein voor was en bij dit project kwam hij prima van pas. Zo zijn alle hoofdcomponenten ‘tweedehands’.”
Klimaatplafond
Het klimaatplafond, bestaande uit aluminium platen met een waterleiding eraan vast, zat oorspronkelijk in een raster. “Dat was bij het Kantoor Vol Afval niet mogelijk, dus hebben we zelf een constructie gemaakt waarin ze ook pasten. Geen standaard oplossing dus. Maar wel heel gaaf als zo’n plafond vervolgens weer jaren mee kan op die manier!”
Alles circulair?
Alles circulair, is dat eigenlijk helemaal gelukt? Of is er toch ook nieuw materiaal gebruikt? “Het leidingwerk, zoals de CV- en koelleidingen, zijn nieuw besteld en gemonteerd, net als de luchtkanalen. Die laatste zou je nog wel kunnen hergebruiken, hoewel je ze dan eerst moet demonteren en reinigen. Dat kost ook tijd én energie. De keuze voor nieuw leidingwerk had puur te maken met garantie; we wilden als installateur de kwaliteit van de leidingen kunnen garanderen. Het risico op beschadigde leidingen bij de ontmanteling van een gebouw is best groot namelijk.”
Stappen maken
Helemaal 100% circulair was dus een uitdaging – lees: te hoog gegrepen. Dat geeft ook Van Schie toe. Maar hij is vooral blij met wat er wél al lukte: “Dit project laat wel zien dat je heel ver kunt komen. Dat vereist wel dat ook de opdrachtgever begrijpt dat het project wat langer kan duren. En het vergt flink wat opslagruimte, omdat je soms wat langer moet zoeken voordat je voldoende geschikt hergebruikt materiaal hebt verzameld voordat je verder kunt. Maar als als het hele bouwteam meedenkt, kun je zeker mooie circulaire stappen maken.”
Meer weten over het project én de 18(!) learnings? Lees: ‘Lessen van Kantoor Vol Afval’.
Heb jij ‘n tip voor deze rubriek? Stuur je suggestie naar demakersvanmorgen@technieknederland.nl!