Wat gebeurt er als alle stroom 72 uur uitvalt? Als miljoenen mensen zonder water zitten? Als niks meer werkt, van internet en telefoons tot bruggen en tunnels? In het rapport Sterk in tijden van crisis kijkt Techniek Nederland hoe de Makers van Morgen Nederland draaiend kunnen houden, zelfs dán.
De scenario’s klinken onheilspellend. Toch staan ze zwart op wit in het kersverse rapport van Techniek Nederland, voluit getiteld ‘Sterk in tijden van crisis – Hoe de technieksector haar weerbaarheid vergroot’. Die doemscenario’s zijn helaas realistischer dan ooit. In het rapport schetsen de opstellers het beeld van de technieksector als onmisbare sector voor Nederland, en wat die kan doen om in drie verschillende noodscenario’s Nederland draaiend te kunnen houden.
Dat maakt dit rapport een cruciaal document voor een moderne samenleving in hectische tijden. Goede reden om de initiatiefnemers om uitleg te vragen – Terry Heemskerk en Laurens de Vrijer van Techniek Nederland.
Als daar iets misgaat, kijkt iedereen meteen naar techniekbedrijven.
Wat was de aanleiding voor dit onderzoek, waaraan ook TNO meewerkte?
“Simpel: we zijn als technieksector onmisbaar voor het goed functioneren van de samenleving”, zegt Terry Heemskerk, Programmamanager Innovatie bij de branchevereniging. “Daarom wilden we weten hoe weerbaar de sector is als het eens echt misgaat. Als het internet drie dagen uitvalt. Als grote delen van het land zonder stroom zitten. Als we door onrust of oorlogen geen materialen en grondstoffen kunnen krijgen.”
Laurens de Vrijer, Hoofd afdeling Ondernemerschap & werkgeverschap: “Installateurs werken aan systemen waar iedereen dagelijks op vertrouwt. Verwarming, ventilatie, energievoorziening, infra, telecom, waterinstallaties, ziekenhuizen … Als daar iets misgaat, kijkt iedereen meteen naar techniekbedrijven. Dan wil je weten: hoe organiseren we dat zo goed mogelijk?”

Tot voor kort leek dat een theoretische vraag. Sinds de Russische inval in Oekraïne en het geweld in het Midden-Oosten weten we beter. De Vrijer: “We zien in Europa cyberaanvallen, sabotage van infrastructuur en grote storingen. Dan moet je als sector eerlijk kijken: kunnen we onder zulke omstandigheden nog steeds installaties onderhouden en herstellen – en het maatschappelijke leven waarborgen?”
Concreet: wat gebeurt er als internet of elektriciteit uitvalt?
“Dan zie je direct hoe afhankelijk alles van techniek is”, zegt De Vrijer. “Zonder stroom is er vaak ook geen telecom. Betalingssystemen werken niet meer, verkeersinstallaties vallen stil en logistiek raakt ontregeld.” Heemskerk: “Voor techniekbedrijven betekent dat dat de druk ineens enorm kan toenemen. Monteurs moeten installaties herstellen, noodaggregaten aansluiten of systemen tijdelijk anders laten draaien. Het rapport laat zien hoe snel storingen elkaar kunnen versterken. Als communicatie wegvalt, wordt het lastiger om storingen te melden en monteurs aan te sturen. Daarom kijken we ook naar alternatieve communicatie. Denk aan portofoons of andere middelen die niet afhankelijk zijn van internet.”
Het is belangrijk dat bedrijven ook zónder internet kunnen werken. Bijvoorbeeld met papieren werkbonnen. En een crisishandboek met belangrijke contactgegevens.
Wat viel jullie tijdens het onderzoek vooral op?
“Dat bij bedrijven in onze sector, net als elders in de economie, bijna alles digitaal gaat”, zegt De Vrijer. “Planning, communicatie met klanten, monitoring van installaties – veel processen zijn afhankelijk van internet.”
Heemskerk: “Dat werkt efficiënt, maar het betekent ook dat je een plan B nodig hebt. Zodat je verder kunt werken, ook als alle digitale systemen uitvallen. Daarom adviseren we bedrijven om ook offline te kunnen functioneren. Bijvoorbeeld door een systeem met papieren werkbonnen achter de hand te hebben. En een crisishandboek met belangrijke contactgegevens.”
De Vrijer: “Soms kan het ook helpen om fysieke verzamelpunten af te spreken waar teams elkaar kunnen treffen als digitale communicatie niet meer werkt.”
Wat kunnen we vandaag al doen om ons voor te bereiden?
“Begin met de vraag: welke installaties en voorzieningen zijn voor jouw bedrijf het belangrijkst?”, zegt Heemskerk. “Breng je meest kritieke processen in kaart. Zorg dat je weet welke van je klanten in geval van nood de hoogste prioriteit hebben. Welke installaties mogen absoluut niet stilvallen? En welke klanten kunnen eventueel wel een dagje wachten?”
Kijk naar de Straat van Hormuz: als handelsroutes verstoord raken, ontstaan er snel grote tekorten.
De Vrijer: “In een crisis moeten bedrijven soms harde prioriteiten stellen. Ziekenhuizen, drinkwaterbedrijven of energievoorzieningen hebben dan vaak voorrang.” Heemskerk: “Als je dat vooraf bedenkt, kun je sneller handelen als het nodig is. Die prioriteiten bepalen wij overigens niet zelf; daarbij moet met name de overheid haar rol op zich nemen.”

Wat als onderdelen ineens niet meer geleverd worden?
“Dat is zeker denkbaar. Kijk naar de recente onrust rond de Straat van Hormuz”, zegt De Vrijer. “Als handelsroutes verstoord raken, kan de levering snel stokken en kunnen er snel grote tekorten ontstaan. En zonder apparaten, onderdelen of materialen zoals kabels en leidingen kun je simpelweg niet verder. Daarom adviseren we bedrijven om na te denken over strategische voorraden. Niet alles just-in-time bestellen, maar bepaalde kritische onderdelen beschikbaar houden.”
Heemskerk: “Daarnaast kijken we ook naar afspraken met groothandels en leveranciers. Wat ons betreft moet er centraal landelijk worden bepaald welke assets voorrang krijgen, welke strategische voorraden er minimaal nodig zijn, wie die aanlegt en beheert et cetera. Zodat al vooraf helder is welke voorraden beschikbaar zijn, en wie daar bij schaarste eerste aanspraak op kunnen maken.”
Wat kun je als sector doen als er door bijvoorbeeld hacks of drone-aanvallen veel meer storingen zijn dan één bedrijf aankan?
“Dan helpen we elkaar als sector door vakmensen uit te wisselen”, zegt De Vrijer. “Dat gebeurt nu al regelmatig.” Heemskerk: “Bij grote problemen kunnen bedrijven onderling monteurs en materieel uitlenen. ‘Collegiale inleen’ noemen we dat. In het rapport stellen we voor om dat preventief beter te organiseren. Bijvoorbeeld door sectorbreed inzicht te creëren in capaciteit. Wie heeft monteurs beschikbaar? Wie heeft welk materieel? Wie kan zo nodig waar helpen?”
De Vrijer: “Techniek Nederland kan daarbij helpen door bedrijven met elkaar te verbinden. Bijvoorbeeld via taskforces rond vitale sectoren zoals energie of zorg.”
Wat zijn je cruciale installaties? Welke klanten moeten absolute voorrang krijgen? En met wie je kunt samenwerken als het spaak loopt?
Dit rapport is feitelijk één grote alarmbel voor ondernemers en samenleving?
De Vrijer: “Precies. Weerbaarheid en voorbereid zijn op de meest extreme scenario’s is tegenwoordig helaas een belangrijk onderdeel van ons ondernemerschap. Zodat we onze kritieke processen kennen, afspraken hebben staan met onze partners en onze organisaties mentaal hebben voorbereid. Als er dan iets gebeurt, kun je snel reageren.” Een kwestie van vooruitdenken, benadrukt Heemskerk: “Zodat je weet wat je cruciale installaties zijn, welke klanten absolute voorrang moeten krijgen en met wie je kunt samenwerken als het spaak loopt. Veel bedrijven doen dat al. Dit rapport helpt om dat sectorbreed beter te organiseren.”
Want… zijn we er al klaar voor?
Heemskerk denkt even na. “Het eerlijke antwoord is: deels. De sector heeft enorm veel vakmanschap. Als ergens een installatie uitvalt, staan monteurs meestal snel klaar.” Volgens hem zit de uitdaging vooral in grotere verstoringen. “Bij een grote crisis komt er ineens veel tegelijk op ons af: communicatieproblemen, logistiek, personele inzet. Daar moet je vooraf over nadenken.” De Vrijer: “Wat we in het rapport laten zien, is dat voorbereiding helpt. Bedrijven die hun processen kennen, afspraken maken met leveranciers en samenwerken met andere bedrijven, kunnen veel sneller reageren.”
Heb jij ‘n tip voor deze rubriek? Stuur je suggestie naar demakersvanmorgen@technieknederland.nl!